Schrikbeeld

Groepen mensen die door de straten lopen – dat is wat in Nederland gezien wordt als een schrikbeeld mocht de toestroom van vluchtelingen of migranten nog verder toenemen. In Italië is het allang zover.

Vijf jaar geleden was ik in Italië op vakantie. Toen maakte een ontmoeting met een Afrikaanse migrant al grote indruk op me. Op de zonovergoten parkeerplaats van een grote supermarkt stond ik mijn boodschappen in de auto te laden. Ik zag de man al vanuit een ooghoek een paar meter achter me staan. Hij zei niets, maar keek wel naar me. Ik vroeg hem zelf dan maar of hij misschien iets wilde vragen. “Anything…”, antwoordde hij op een manier die me door merg en been ging.  Mijn vrouw stopte hem een zak van die Italiaanse broodstengels toe, en een fles ijsthee. Maar nadat hij hij weg was gelopen naar een nog een of twee lotgenoten die wat verderop stonden, liep ze hem na om nog een paar dingen mee te geven. In het korte gesprekje wat ze met hen had, vertelden ze over hun zware leven op straat in Italië.

Vijf jaar later ben ik opnieuw in Italië op vakantie. In een voorstadje van Pescara, aan de Adriatische kust, zie ik ze elke dag. Op het heetst van de dag – als de Italianen zoveel mogelijk binnen blijven – zie ik groepjes jonge Afrikaanse mannen samen rondhangen op schaduwrijke plaatsen. Maar het zijn niet alleen mannen. Als ik met een volle boodschappentas uit een supermarkt kom en langs de hoek van een gebouw loop, zie ik een groepje mannen, vrouwen en kinderen in de schaduw gewoon maar tegen een muur aan zitten. Dit heb ik in Nederland nog niet gezien. In Italië lijkt niemand zich er druk over te maken.

Op het strand wordt ik aangesproken door één van de vele strandverkopers. Hij heet Mamadou en komt uit Senegal. Hij gooit een stapeltje onduidelijke cd’s in dunne plastic hoesjes voor me neer. Dat is zijn handelswaar. Hij vertelt me dat hij economische wetenschappen heeft gestudeerd, maar dat ‘het niet zo lekker liep’ in Senegal. Hij is niet over zee gekomen, maar met het vliegtuig. Ik heb geen contant geld bij me en ik ben ook helemaal niet geïnteresseerd in zijn cd’s. Maar ook deze ontmoeting laat me niet los.

Een paar dagen later op het strand ploft opnieuw het stapeltje cd’s voor m’n neus neer. Daar is Mamadou weer. Ik vraag hem wat ik me sinds onze eerste ontmoeting al bezig heeft gehouden: is dit nu wat hij had gedacht toen hij besloot naar Europa te komen? ‘Nee,’ zegt hij. Ik zeg dat ik denk dat zijn leven in Senegal waarschijnlijk beter was dan zijn leven hier. Dat bevestigt hij. ‘C’est une déception…’ Als ik hem zeg dat ik hem niet kan helpen, loopt hij gelaten en zonder iets te zeggen verder.

Wat is erger, vraag ik me af, zijn deceptie of ons schrikbeeld?

 

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s